03-08-06

Paradisio

 

Gewassen op veertig graden, met angst voor krimpgevaar. Ik ben al maar een stompje. Mijn vingers glijden door de gecondenseerde film die op het doucheglas ligt. Ik teken een hond of een gezicht, soms een vers. Of ik maak voetafdrukken met toegeknepen handen.

(Ik loop ook wel eens in nachtgewaad door een sproeier en blaas uitgelaten een deuntje op een grasspriet. Vandaag sprong ik nog onbezonnen in een modderige plas water. Heerlijk jeugdsentiment.)

Na uren op natte voeten in doorweekte kleren bij de Paradisio doodschoofdaapjes, vleermuizen, roofvogels, serpenten, giraffen en het boot en twee near-skid mark-experiences – in beide ladingen van het woord – op de lange, uitgeregende terugweg vind ik mezelf in de wasmachine voor warmbloedigen. Het hete water stoomt me na een blauwgebekte dag tot een rozig vrouwmeisje. Stijf – want oh ja, de volleybal begon gisteren weer met een twee uur durende conditietraining – en vermoeid. Zodadelijk maak ik mijn eigen nest op voor een buiklanding en een duet van twee schurende wreven over een lonkende matras. Mijn wiegelied.

 

* De onderstreepte woorden nam ik over uit de ‘vrije vertalingen’ in de Paradisio-lectuur. Over de geshiedenis rep ik geen woord. Neen, geen woord zeg ik u.

22:56 Gepost door [NeCo] | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.